Oogaandoeningen bij honden: ectropion of entropion

Zowel mensen als dieren kunnen last krijgen van oogaandoeningen. In dit artikel worden 2 mogelijke oogaandoeningen bij honden besproken, namelijk ectropion en entropion.

Oogaandoeningen bij honden: ectropion

Ectropion is één van de mogelijke oogaandoeningen die bij alle hondenrassen voor kan komen. Ectropion is de Latijnse benaming voor het naar buiten krullen van de ooglidrand. Dergelijke oogaandoeningen zijn te herkennen aan het feit dat het roze slijmvlies van de ooglidrand zichtbaar is. Het slijmvlies (bindvlies) van het onderste ooglid staat bij deze aandoening bloot aan de buitenlucht en is daardoor zeer gevoelig voor prikkelingen van buitenaf. Het slijmvlies zal dan, in de loop der tijd, ontstoken raken. Dat het ontstoken is geraakt, is te zien aan roodheid en/of de zwelling. Doorgaans is deze aandoening erfelijk, maar het hoeft niet. Bij sommige hondenrassen komen deze oogaandoeningen veel meer voor dan bij andere rassen.

Wanneer uw hond aan een lichte vorm van ectropion lijdt, kunt u ervoor kiezen om het slijmvlies te beschermen met spoelingen en beschermende oogdruppels. Gaat het om een ernstigere vorm van ectropion, is een chirurgische operatie noodzakelijk. Vaak mag er met een hond die lijdt aan ectropion niet gefokt worden. Als u denkt dat uw hond misschien één van de mogelijke oogaandoeningen heeft, is het dus mogelijk deze aandoening.

Oogaandoeningen bij honden: entropion

Entropion is de Latijnse benaming voor het naar binnen krullen van de oogrand. Wanneer de ooglidrand, doorgaans het onderste ooglid, naar binnen krult, zorgt dit voor irritatie van het hoornvlies. Ook kan entropion ervoor zorgen dat het hoornvlies tijdelijk of blijvend beschadigd raakt. De oorzaak van dergelijke oogaandoeningen ligt waarschijnlijk aan het feit dat de balans in de spieren van de oogleden verstoord is. Vaak is het een erfelijke aandoening, maar dergelijke oogaandoeningen kunnen ook door andere aspecten ontstaan.

Bij oogaandoeningen zoals entropion is het belangrijk dat er een behandeling zal plaatsvinden. Heeft uw hond hier dus last van, of heeft u het vermoeden dat uw hond entropion heeft, dan wordt er aangeraden om een bezoek te brengen aan de dierenarts. Vaak bestaat de behandeling voor deze oogaandoeningen uit een chirurgisch ingrijpen, het liefst pas als de schedel volgroeid is. Wanneer de schedel van de hond nog niet volledig volgroeid is, kan de dierenarts besluiten om tijdelijke hechtingen in de oogleden aan te brengen. Deze tijdelijke hechtingen zorgen ervoor dat de schade aan het hoornvlies beperkt of voorkomen kan worden. Zelden verdwijnt entropion spontaan. Het wordt aangeraden om een hond met entropion niet als fokdier in te zetten, bij sommige rasverenigingen worden dieren met oogaandoeningen zoals entropion zelfs afgekeurd als fokdier.

Meer informatie leest u via: http://nl.wikipedia.org/wiki/Ectropion_(oog) en http://nl.wikipedia.org/wiki/Entropion.